Hondenmand op de fiets: je hond veilig mee?
In dit artikel
Ons advies
Er bestaat geen Nederlandse specifieke regel voor een hond in een fietsmand. Wat wel geldt is de zorgplicht: je mag geen pijn of letsel veroorzaken. Zet de hond daarom neer in plaats van op de bagagedrager, riem hem aan de mand vast en rijd langzaam.
Er bestaat geen Nederlandse specifieke regel voor een hond in een fietsmand. Wij hebben het Reglement verkeersregels en verkeerstekens (RVV 1990) doorgenomen en daarin staat niets over huisdieren in fietsmanden. De regel die telt is de algemene zorgplicht, en die is strenger dan hij klinkt.
Het eerlijke antwoord op de vraag wat de regels zijn, is dus: er zijn geen regels, en de zorgplicht is de enige maatstaf.
Wat de wet wél zegt
De Wet dieren, artikel 2.1, lid 1 verbiedt om zonder redelijk doel of met overschrijding van hetgeen ter bereiking van zodanig doel toelaatbaar is, bij een dier pijn of letsel te veroorzaken dan wel de gezondheid of het welzijn van het dier te benadelen.
Dat is de hele regel. Hij zegt niet dat een hond in een fietsmand mag of niet mag, en hij noemt geen maten. Wat hij doet is een uitkomst-eis: geen pijn, geen letsel, geen benadeling van het welzijn. Elke opstelling van mand, riem en snelheid moet je daaraan toetsen.
Er is één bepaling in de regelgeving die vaak wordt aangehaald en die hier niet geldt. Het Besluit houders van dieren verbiedt in artikel 1.3, onder f, het zich vervoeren op een dier of in of op een vervoermiddel dat wordt voortbewogen door een dier, indien dat vervoer de krachten van dat dier kennelijk te boven gaat of indien het dier daartoe kennelijk niet geschikt is. Die bepaling gaat over een vervoermiddel dat door het dier wordt voortbewogen, zoals een kar. Een fiets wordt door jou voortbewogen, dus die bepaling zegt niets over een hond in een fietsmand.
Wat de zorgplicht van je vraagt
Omdat de wet alleen de uitkomst regelt, moet je het zelf invullen. Drie dingen volgen uit de zorgplicht: de hond ligt neer, hij is vastgeriemd, en je rijdt langzaam.
Zet de hond neer. Een hond die je op schoot of op de bagagedrager vervoert, heeft geen stabiele ondergrond en geen plek waar hij zich klein kan maken als er iets gebeurt. Een mand biedt dat wel. Let daarbij op de maat: de mand moet groot genoeg zijn dat de hond er ontspannen in kan liggen, en niet zo groot dat hij er heen en weer wordt geslingerd.
Riem de hond aan de mand vast, via een tuig of een halsband, en niet aan de mand zelf. Een losse hond in een mand die over een kuiltje of bocht gaat, schiet onderuit. Bij het tuig of de halsband bepaal jij hoe de kracht terechtkomt; bij vastmaken aan de mand draagt de mand die kracht alleen. Over welke constructie je kiest staat in onze vergelijking van hondenharnas en halsband.
Rijd langzaam en neem de lange route als het druk is. Bij elke bocht en elke rem beweegt de massa in de mand mee. Hoe lager die snelheid, hoe minder de hond verplaatst wordt.
Warm weer is een apart punt
De Dierenbescherming raadt bij warm weer af om lange wandelingen te maken en om overdag met je hond in de zon te fietsen. Dat is een advies over wandelen en fietsen in de hitte in het algemeen, niet over een hond die in een mand zit.
Het is wel een aanwijzing voor de omstandigheden waarin je rijdt. Zet de mand niet in de volle zon, neem water mee en kies bij twijfel een kortere route of de auto. Een getal voor wanneer het te warm is, geven wij niet: daar vonden wij geen Nederlandse bron voor.
Wat je niet uit deze regels kunt afleiden
Wij vonden geen bron voor een maximumgewicht, voor een verplichte bevestigingsmethode, voor een maximale mandmaat en ook niet voor een regel over vasthouden tijdens het fietsen. Dat betekent niet dat het mag. Het betekent dat de enige toets de zorgplicht is, en dat is een lastige: die vraagt niet om een maat maar om een oordeel over pijn, letsel en welzijn.
Twijfel je daarna nog, dan is de mand zelf een productkeuze die wij wel kunnen onderbouwen. De vier manden met hun maten en materialen staan in onze gids over hondenmanden.