Thuisbatterij subsidie: krijg je die?
In dit artikel
Ons advies
Er is geen landelijke subsidie op een thuisbatterij. Op de ISDE-pagina van RVO staan voor 2026 isolatie, ventilatie, warmtepompen, zonneboilers, warmtenet en elektrische kookvoorzieningen, en een thuisbatterij staat daar niet bij.
Kort antwoord: nee. Thuisbatterijen staan niet op de landelijke investeringssubsidie voor duurzame energie. Dat is geen interpretatievraag, maar een punt op de lijst van RVO.
Wat er op de ISDE-lijst staat
RVO schrijft op de pagina over de ISDE (stand 22 augustus 2026) dat er in 2026 € 500 miljoen beschikbaar is, met nog € 5 miljoen extra voor kleinschalige windturbines voor zakelijk gebruik, en dat de regeling doorloopt tot 2031. Woningeigenaren krijgen subsidie voor:
- isolatiemaatregelen
- ventilatiemaatregelen
- warmtepompen
- zonneboilers
- aansluiting op een warmtenet
- elektrische kookvoorzieningen
Zakelijke gebruikers krijgen subsidie voor warmtepompen, zonneboilers en kleinschalige windturbines. Een thuisbatterij staat in geen van beide lijsten, en ook niet op een van de meldcodelijsten die RVO publiceert voor fabrikanten: hoogrendementsglas, isolatiematerialen, ventilatie-units, warmtepompen en zonneboilers.
Wat wél helpt
De Rijksoverheid wijst bij de vraag over zonnepanelen (geraadpleegd 30 september 2026) naar een aantal regelingen. De energiebespaarlening is daar een van: daarmee kun je energiebesparende maatregelen in of aan je huis betalen. Daarnaast noemt de Rijksoverheid de salderingsregeling en de regeling voor coöperatieve energieopwekking, de SCE, die via RVO loopt voor coöperaties en verenigingen van eigenaren.
Wij zeggen niet zonder meer dat die regelingen voor jouw thuisbatterij gelden. Een lening is geen subsidie, en een regeling die voor warmtepompen geldt, geldt niet automatisch voor een batterij. Check dat bij de verstrekker voordat je een aanvraag doet.
Gemeentes en provincies
Gemeentes kunnen eigen regelingen voeren, en dat verschilt per plaats. Wij kunnen die niet voor alle gemeentes bijhouden en gaan daar dus geen hoofdstuk aan wijden. Kijk in het lokale programma van je gemeente of vraag het na bij de afdeling die over duurzame energie gaat. Let bij zo’n regeling op de voorwaarden: er kan een jaarlijse meldingsplicht in zitten of een verplichting om het systeem een aantal jaren in gebruik te houden.
Wat de overheid wel verandert: de salderingsregeling
De grote verandering komt niet van een subsidie, maar van de salderingsregeling. Volgens de Rijksoverheid (geraadpleegd 30 september 2026) stopt die regeling op 1 januari 2027.
Tot en met 31 december 2026 mag een huishouden zelf opgewekte elektriciteit terugleveren en die jaarlijks wegstrepen tegen het eigen verbruik, zonder belasting daarover te betalen. Vanaf 1 januari 2027 is dat niet meer zo. Je mag stroom blijven terugleveren en je krijgt daar een vergoeding voor, met tot 2030 minimaal 50% van het kale leveringstarief, volgens de Rijksoverheid. Alleen terugleverkosten die een leverancier maakt om die stroom te verwerken, mag hij doorberekenen, en de ACM houdt daar toezicht op.
Over stroom die je zelf opwekt en direct zelf gebruikt, betaal je volgens de Rijksoverheid geen belasting en geen kosten aan je leverancier. Dat verschil tussen zelf gebruiken en terugleveren wordt dus belangrijker, en het is de reden dat een batterij bij sommige huishoudens meer oplevert dan bij andere.
Wat betekent dat voor je aankoopbeslissing?
Twee dingen. Ten eerste: koop een batterij niet op een subsidie die er niet is. Het moet zichzelf terugverdienen, en dat doe je met het verschil tussen je overschot en je avondverbruik. Ten tweede: wie overdag al bijna alles zelf gebruikt, heeft weinig overschot en dus weinig te slaan.
Wat een thuisbatterij je op prijs gebaseerd kost lees je in ons artikel over thuisbatterijkosten. Welk model bij je situatie past, staat in de gids over thuisbatterijen.
Bronnen
De bedragen en regels in dit artikel komen uit deze bronnen. Standaarden: geraadpleegd op 30 september 2026.